1 1 1 1 1 1 1 1 1 1

Over wegen en natte daken
zie je Sinterklaas pieterbaas plagen.
De Sint stelde aan pieterbaas steeds anderen vragen.
De pieterbaas was steeds verbaasd over wel gestelde vragen.
Pieterbaas lette niet meer op
en hing over de reling, op zijn kop.
Hij riep om Sinterklaas
die weer een vraag stelde waarom piet zo hangt.
De pieterbaas werd erg bang.
De goede oude Sint pakte zijn zwarte vrind.
Hij trok hem weer om hoog
en de piet die voor de oude man even boog.
De Sint gaf hem een schouderklopje
en onder zijn achterwerk een schopje.
Zo en toen weer verder met zijn werk,<Br>
want ze moesten nog een hoop kindjes gaan verwennen.
Maar de Sint wil eigenlijk niet meer verder,
want hij is moe van al het gedoe.
Maar de pieterbaas zei tegen de Sint:
"Beste Sinterklaas, neemt u maar weer plaats op uw schimmel."
Zo gezegd, zo gedaan.
De pieterbaas keek de oude Sint aan.
Zag in zijn ooghoek ook een traan.
Hij vroeg aan de oude Sint:
"Komt deze traan door de koude wind?"
De oude man schudde zijn hoofd:
"Ik ben moe, maar ik heb de kindertjes hun pakjes beloofd.
We moeten nog heel wat doen,
maar hierna zal ik veel slaapjes doen."
De Sint en zijn pieterbaas maakten ineens veel haast.
Eindelijk voor de ochtendgloren waren ze alle pakjes verloren.
Piet snikte van verdriet.
De Sint, die dit ziet, zei:
"Hij zei beste maat, het is eigenlijk al veel te laat.
Morgen gaan we weer op stap, dan in een snel tempo, in een draf.
Zodat ieder kind zijn pakje heeft gehad.
Dan is voor ons gedaan en varen wij met de stoomboot op Spanje aan.
Dan hoeven wij niet meer op de koude dek te staan."