Familie

Ze zijn al weer een tijdje gescheiden,
zij zijn het ook niet die hier nog onder lijden.
Je vult je leven in met de normen en waarden uit je jeugd,
maar wat als daar nou geen donder van deugd.
Dan zul je het zelf uit moeten vogelen wat sociaal gezien wel en niet kan.
Waar de grenzen liggen en hoe lopen die dan.
Geen voorbeeld gekregen van hoe het moet zijn,
geen ouders die je helpen, dat doet pijn.
Ze leven nu hun eigen leven en doen de dingen die vroeger niet konden.
Leven nog met oogkappen op,
nooit gekeken nooit gevraagd wat wij ervan vonden.
Ik vind het fijn dat ze nu die dingen kunnen doen,
nu is het er namelijk wel, die poen.
Alles wat ik vroeger moest missen aan liefde en geluk,
geef ik driedubbel aan mijn eigen kinderen.
Want ik weet een warme jeugd maakt je een mens uit een stuk.
Ik weet ook wel dat het niet zaligmakend is,
maar met geven wat je geven kan is toch niks mis?
Niemand is als ouder perfect,
maar een kind geen liefde geven vind ik een defect.

Opgroeiend in een kille sfeer,
steeds weer ruzies, elke dag weer.
Ouders die leven als hond en kat,
ze waren elkaar al jaren zat.
Ze bleven voor de kinderen bij elkaar,
daarin schuilde dan ook het 'gevaar'.
Geen warmte tussen het ouderpaar,
geen greintje liefde zat er daar.
Alleen maar haat en nijd.
Over twee kinderhoofden een bittere strijd.
Voor ons als kind was dat heel gewoon.
Niemand die het zag, we vielen niet uit de toon.
Het gezucht en gesteun, het bittere zwijgen
en de geldzorgen bleven dreigen.
Bij anderen zag ik dat het anders was,
toen ik ouder werd zag ik dat pas.
Hoe je mensen moet kwetsen heb ik van de 'besten' geleerd.
Ik wist niet beter, thuis deden ze dat ook. Dan was het dus niet verkeerd.
Maar liefde ontvangen en durven geven,
dat voorbeeld hebben ze nooit gegeven.
Dat leerde ik in mijn volwassen leven.
Wat ik nu bereikt heb moest ik in mijn eentje doen.
Eindelijk mijn leven op orde iemand die van mij houd,
die op mijn liefde bouwt en vertrouwd.
Dat is het hoogtepunt uit mijn leven,
dat ik geleerd heb om iemand anders te geven.
Dat hebben mijn ouders nooit gedaan, nooit hun hele  huwelijkse leven.
Nu zijn ze eindelijk gescheiden,
dat vind ik fijn, dat is het beste voor hen beiden.
Hadden ze het alleen 32 jaar eerder gedaan,
dan hadden er geen kinderen tussen gestaan...

Van boven uit de hemel
kijken jullie op mij neer.
Waarom moest ik lijden?
Dat doet mij nog steeds zeer.
Kon ik het jullie nog maar vertellen,
maar helaas dat gaat nu niet meer.
Ik zal deze pijn mee moeten dragen tot mijn einde
en ik moet knokken voor wat ik nu heb.
Maar mijn beste lieve ouders,
ik had gewoonweg in mijn jeugd heel veel pech.
Moest hier onder lijden,
maar jullie zagen het niet.
Maar ik zal nooit zeggen:
"Jullie waren slechte ouders."
Want dat waren jullie niet.

Je stond bij het water.
Je gedachten die er waren op dat moment:
Zal ik springen, zal ik gaan?
Zal ik mijn leven hier beëindigen?
Of zal ik het daar...vanaf de brug?
Je wist het nog niet, alles ging zo vlug.
Zou het niet gemakkelijker zijn om pillen te nemen?
En heb dan geen pijn.
Zal ik zo wegzakken in een diepe slaap.
Of zal ik mijn polsen doorsnijden?
Zie ik het bloed vloeien.
Nee, dat toch maar niet.
Maar wat een klotezooi, wil maar ik durf het niet.
Soms is het toch best moeilijk om zo'n besluit te nemen.
Je stond nog steeds daar bij het water.
Je voelde iets op je schouder, je keek omhoog.
Het is de hand van je vader, hij huilde van angst dat jij dit zou doen.
Hij begon tegen je te praten:
"Meisje waarom...ik hou van je.
Je bent en blijft mijn kind.
Waarom heb je ons nog nooit iets verteld
dat je zo in de put zit?"
Zei vertelde haar vader een aantal punten van haar leven.
Een leven vol verdriet, een leven met een ziekte.
Een leven vol stress.
Een man die haar niet kon helpen of haar de schuld gaf van de dingen,
die in hun huwelijk mis was gegaan.
Zij werd geslagen door haar man,
toen zei hem vertelde dat er een echtscheiding kwam.
Hij bedreigde haar met de dood en ze wilde het liever zelf doen.
Dan wilde ze hem sneller af zijn.
Zo wilde ze niet meer leven,
omdat haar leven toch zal bestaan uit leven met pijn.
Een leven vol ellende, een leven zonder een man.
Wie wil er zo'n kneus als haar?
Haar vader stond daar verslagen, durfde haar eigenlijk niets meer te vragen.
Hij stond nog steeds met zijn hand op haar schouder.
Hij trok heel voorzichtig zijn dochter tegen hem aan.
Hij vertelde haar: "Jij komt weer bij ons wonen.
Wij zullen er zijn voor jou als het moet.
Denk niet dat je teveel voor ons bent,
want wij zijn toch al veel meer gewend.
Kom, lieve schat van mij, ga mee naar huis
waar moeder al zit te wachten
en die je met veel warmte zal ontvangen.
En laat je man maar eens komen,
dan zal hij van de koude kermis thuiskomen.
Als hij jou met een vinger zal aan raken,
zal ik zijn klotehersens zo inslaan."
Eindelijk is nu alles voor bij.
Zij zit nu bij haar ouders en komt van alles bij.
Van haar verdriet en pijn...

I will be your daughter, forever untill,
untill I am an angel.
I'll be your daughter still.
You may like to change that,
but then you know you can't
I know your biggest secret.
The thing that you can't stand.
The reason why you hate me.
The reason of your pain
is that you couldn't be a father.
You've left us in the rain.
You know I didn't blame you
for all the things you did.
Because I know you've really tried
to see me as you kid

Mijn familie is nu erg klein.
Of het leuk is of fijn...
Ben nu nog alleen met een zus,
maar het was best een klus
om weer met haar verzoenen.
Er is zo veel gebeurd
in het verleden tussen ons.
Maar ik ben nu ouder en wijzer geworden
en moet dingen maar eens laten rusten die er zijn gebeurd.
Al hoef je elkaar niet de deur plat te lopen,
maar je kan er zijn voor diegene als er wat is of gebeurd.
Een helpende hand kan je dan bieden
al zal het voor mij niet altijd gemakkelijk zijn.
Maar ik zal er voor haar wezen
met in mijn hart toch iets van pijn.
Maar zal het haar voor geen geld willen missen,
want dat was ik haar al voor vijf jaar.
Komt door zoveel dingen en waren allebei met een nieuw leven begonnen.
De een wou niet voor de ander onder doen.
Nu besef ik dat zus lief een deel is van mijn eigen vlees en bloed.
Ze zal zien hoe ik nu ben.
Al zou ze dat misschien nu nog niet zien,
maar ze verdient een zusje met een mankement,
maar daar raakt zij wel aan gewend.

In deze donkere dagen
gaan mijn gedachten terug.
Schieten heel veel vragen
mijn hoofd door..heel vlug.
Ruim twee jaar geleden,
al lijkt het soms heel kort,
leek je nog zo tevreden.
Al voelde je je verrot.
Al snel kon je niet meer lopen.
Je lag daar maar op bed
en ons mams maar hopen:
"Misschien dat hij het nog redt."
Hoop had ik al laten varen.
Het was duidelijk te zien.
Maar ik liet het bedaren,
want jullie knokten nog voor tien.
Nooit zal ik het vergeten,
dat ik net weg gaan zou.
Of ik het niet zou weten
fluisterde je: "Ik hou van jou."
Grote mond, een hartje zo klein.
Zo blijf ik aan je denken.
25 jaar...het was heel fijn.
Bedankt dat je ons dat wilde schenken.
Love you forever

Familie, die heb je jammer genoeg,
kon ik voor kiezen.
Vrienden krijg je
en die kan ik niet missen.
Huilend, verscheur mijzelf,
omdat mijn familie mij niet wil zien.
En ze behandelen mij als een klein kind
en ze weten dat ik dit erg vind.
In hun ogen zijn zij de beste
en ik was altijd de gekwetste.
Ze moesten mij altijd al hebben.
Nu heb ik gezegd eerst mijn vrienden,
dat lijkt mij het beste.
Van hun ontvang ik liefde en respect.
En van jullie kreeg ik altijd de klappen op mijn bek.
In jullie ogen ben ik de nul,
maar zal niet met mij laten sollen zoals toen.
Vrienden die ik heb staan boven aan mijn lijst.
Al zal er een van jullie heengaan,
mij zullen jullie er niet bij zien staan.
Hoe hard het ook zal zijn,
jullie hebben mij mijn hele leven al zoveel pijn gedaan.
Wat er allemaal is gezegd en is gebeurd,
het werd tijd dat het nu mijn beurt is
om jullie te laten zien dat ik niet meer diegene ben
die jullie konden kwetsen.
Ik heb nu mijn eigen leven
zonder familie, zonder gezeik.
Ik voel mij door mijn vrienden heel rijk.

JIJ, was degene die op mijn tiende jaar mijn leven binnenstapte.
JIJ, die niet altijd gemakkelijk was maar wel recht door zee.
JIJ, was er altijd als ik je nodig had.
JIJ, de 'kloek' in ons gezin.
JIJ, met je grote gevoel voor humor en je bulderende lach.
JIJ, hebt ons geleerd van elkaar te houden.
JIJ, ging erboven wat je eronder ging.
JIJ, bent degene geweest die me geleerd heeft om niet zo gesloten te zijn.
JIJ, die zowel een opa als een vader voor mijn dochter Joyce is geweest.
JIJ, met je grote mond, maar o zo kleine hartje.
JIJ, kon je verschrikkelijk kwaad maken over oneerlijkheid.
JIJ, die altijd gevochten heeft voor zijn gezin.
JIJ, die bekend stond als 'de rebel' in de familie.
 
En WIJ? Wij zullen dit allemaal verschrikkelijk missen.
En IK? Ik hou van je pappie!